Natuursteen
Natuursteen is een verzamelnaam voor diverse soorten natuursteen welke we hieronder uitgebreid verder hebben gespecificeerd. Marmer, travertin graniet en basalt worden in grote blokken uit de berg gewonnen, in platen gezaagd en vervolgens tot o.a. tegels verwerkt. Kwartsiet en leisteen worden in zogenaamde ijsschotsen gewonnen, die bij de vorming van gebergten omhoog zijn gestuwd en geplooid. Krachten loodrecht op deze plooiingsdruk hebben kwartsiet en leisteen hun meest kenmerkende eigenschap
gegeven, namelijk de (splijtbare) gelaagdheid. Natuursteen heeft een ruime
keuze in afwerkings mogelijkheden van het oppervlak. Het oppervlak van de
gezaagde tegels in marmer, travertin, graniet en basalt kennen de volgende
oppervlaktebewerkingen:
- gezoet
- gepolijst
- gezandstraald
- gevlamd
- getrommeld
- geborsteld
Bij travertin in de gezoete uitvoering, worden de gaatjes in het oppervlak
gestopt met een mengsel van cementpoeder en zaagmeel van de travertin. Deze
stopsels kunnen loslaten bij toepassing van vloerverwarming en door slijtage.
Deze gaatjes zijn makkelijk weer dicht te stoppen (Akemi) of te vullen met
voegmiddel. Kwartsiet en leisteen worden door splijting gewonnen; zij hebben
daarom een natuurlijk splijtvlak variërend van vlak tot grover (natuurlijk
antislip). Uit de kleinere en dunne platen worden tegels gezaagd, terwijl uit de
dikke en grote platen gevelplaten, traptreden e.d. gezaagd worden. Dikkere,
middelgrote platen worden als stapelstenen en flagstones onbewerkt gebruikt.
Aangezien het natuurproducten zijn, moet er met nuancering in kleur en structuur
rekening gehouden worden. Dikte Bij marmer, travertin, graniet en basalt hebben
de vloertegels een standaarddikte van 15 of 20 mm. Wandtegels hebben een
standaarddikte van 7 of 10 mm. Gezien de aard/gelaagdheid van kwartsiet en
leisteen komen er na splijting géén platen voor, die eenzelfde dikte hebben.
Tegels variëren in dikte gemiddeld van 8-25 mm. Het is tegenwoordig ook mogelijk
diverse materialen in kwartsiet en leisteen op dikte gefreesd, ook wel
gekalibreerd genoemd, te leveren. Verschillen in maat kunnen zich voordoen.
Natuursteen kent een tolerantie van +/- 2 mm in de lengte en de breedte.
Tolerantie in dikte bij gezaagde tegels met een dikte van 15 mm of minder,
bedraagt +/- 1,5 mm. Bij een dikte van 15 tot 30 mm is de tolerantie +/- 3 mm.
De gekalibreerde uitvoering van kwartsiet en leisteen kent doorgaans een
tolerantie van +/- 2 mm in de dikte. Bij oppervlaktebewerkingen van marmer,
travertin, graniet en basalt kunnen, afhankelijk van de bewerking, slijpringen
in het oppervlak zichtbaar zijn. Tevens, afhankelijk van bewerking en soort, is
het mogelijk dat de tegels kartelrandjes vertonen aan de oppervlakteranden. Bij
kwartsiet en leisteen komt een zuivere recht- en vlakheid niet voor. Tegels
kunnen licht bol of hol zijn. Dit moet worden opgevangen door bredere voegen.
Soorten natuursteen:
Basalt
Basalt is een uitvloeiingsgesteente, ontstaan door uitvloeiing van magma (lava)
dat in contact is gekomen met de buitenwereld en vervolgens snel is afgekoeld en
verhard. Het uiterlijk en de samenstelling zijn meestal zeer gelijkmatig.
Graniet
Graniet is een dieptegesteente, ontstaan uit magma, welke geleidelijk afgekoeld
en onder grote, constante druk is gevormd. Door toedoen van verschillende
mineralen is een grote verscheidenheid ontstaan in uitstraling en kunnen
uiterlijk sterk in kleur en structuur verschillen.
Hardsteen
Hardsteen is een kalksteen met een min of meer uitgesproken blauwgrijze kleur
die wordt gekenmerkt door de aanwezigheid van zeer veel resten skeletjes van
zeediertjes die miljoenen jaren geleden op de bodem van ondiepe zeeën leven. Bij
het afsterven bleef hun kalkskelet op de bodem achter en samen met de
calcietafzetting die het geheel aan elkaar smeedde, vormde zich in de loop der
tijd de blauwe hardsteenlaag. De kleur wordt bepaald door zeer fijn verspreid
koolstof.
Porfier
Porfier is een stollingsgesteente met een bepaalde textuur, waarin -tegen een
fijner korrelige achtergrond- relatief grote kristallen voorkomen die men
fenokristen noemt.
Kalksteen
Kalksteen is een zeer veel voorkomend afzettingsgesteente, ontstaan met
medewerking van organismen in zee; schelpen, koralen en andere organismen vormen
met de in het water opgeloste kalk hun skeletten, die zich na hun dood op de
zeebodem opeenhopen tot een afzetting van skeletresten of als een kalkmodder.
Kwartsiet
Kwartsiet is een metamorf gesteente, ontstaan doordat sedimentgesteente
(zandsteen) gedurende zeer lange tijd onder enorme druk en
temperatuursverschillen bij de vorming der gebergten een gedaanteverwisseling of
metamorfose heeft ondergaan. Kwartsiet kenmerkt zich door splijtbare
gelaagdheid.
Kwartszandsteen
Kwartszandsteen is het meest voorkomende sediment, meestal duidelijk gelaagd. De
zandsteen is ontstaan door aaneenklitten van de zandkorrels door klei, calciet
of kwarts. Kwarts heeft het grootste aandeel in de opbouw van zandsteen.
Leisteen
Leisteen is een sedimentgesteente, ontstaan door afzetting in zee van door
rivieren aangevoerd puin en slib uit door verwering afgebroken gebergten.
Leisteen is te herkennen aan de splijtbare gelaagdheid.
Limestone
Limestone is een zeer veel voorkomend afzettingsgesteente, ontstaan met
medewerking van organismen in zee; schelpen, koralen en andere organismen vormen
met de in het water opgeloste kalk hun skeletten, die zich na hun dood op de
zeebodem opeenhopen tot een afzetting van skeletresten of als een kalkmodder.
Marmer
Marmer is een metamorf gesteente, ontstaan doordat het sedimentgesteente
(afzettingsgesteente) kalksteen gedurende een zeer lange tijd en onder enorme
druk en temperatuurverschillen bij de vorming van gebergten een
gedaantewisseling (metamorfose) heeft ondergaan.
Travertin
Travertin is een sedimentgesteente, ontstaan uit kalkrijk water, waardoor
kalkafzetting op de bodem plaatsvond. Door afgestorven, vergane plantedelen,
zijn gaatjes in het materiaal achtergebleven. Soms worden deze gaatjes gestopt.
Tags: marmer travertin natuursteen kwartsiet hardsteen natuursteenvloeren leisteen limestone
